
Zhaoqin Peng raakt niet meer onder de indruk van NK-titel
Andere uitdaging, graag
En wéér is het gelukt. Met haar elfde nationale titel - waarvan tien op een rij - heeft Zhaoqin Peng alle records gebroken. De eerste Nederlandse vrouw die ooit de titel van internationaal grootmeester kreeg is er nauwelijks van onder de indruk. Integendeel. Ze is zo langzamerhand moe van het winnen en zoekt nieuwe uitdagingen. Aan de schaaksport gekoppeld, dat wel.
HENK J. DE KLEIJNEN
HOOFDDORP
Het schaakklimaat in Nederland wordt er niet beter op. De Koninklijke Nederlandse Schaakbond (KNSB) slaagt er nauwelijks meer in om sponsors voor haar activiteiten te vinden. Het vrouwenkampioenschap 2009 was een schrale vertoning met slechts zes deelneemsters die een sterk geslonken prijzenpot verdeelden. Peng is inmiddels wel wat gewend en wijst er fijntjes op dat ze alleen bij haar eerste titel - in 1997 - een kampioensbeker kreeg overhandigd. Die koestert ze dan ook.
De frêle en goedlachse 41-jarige, een van de steunpilaren van het team Schrijvers Rotterdam dat in de Meesterklasse uitkomt, is zeker niet ongelukkig in Nederland. Haar passie voor het schaken, via opleidingsinternaten in haar geboorteland China gekweekt, kan ze er uitleven. Met levensgezel André en zoontje Caro (9) bewoont ze een ruim huis in Hoofddorp.
Op sportief gebied beginnen de twijfels steeds meer te knagen. Eigenlijk wil ze wat gas terugnemen. ,,Als ik speel, wil ik dat goed doen. Dat wordt steeds moeilijker. Het is niet zomaar een spelletje, hè. Het kost enorm veel tijd om op niveau te blijven, je moet gezond leven, discipline hebben, voortdurend weer de concentratie kunnen opbrengen. Elke dag doe ik aan hardlopen en studie."
Haar recente score in Haaksbergen - 8 uit 10 - wekt de indruk dat ook de elfde nationale titel moeiteloos werd binnengehaald. De schijn bedriegt. Mariska Bertholee versloeg Peng al in de eerste ronde. Diezelfde Bertholee was in de tweede onderlinge ontmoeting opnieuw dicht bij de winst, maar liet de titelhoudster met remise ontsnappen. Direct daarna bleef de Hoofddorpse ternauwernood overeind tegen haar naaste concurrente Marlies Bensdorp. Laatstgenoemde ging prompt gedesillusioneerd onderuit tegen de zwakste speelster uit het gezelschap. Freewheelend kon Peng daarna het toernooi winnend afsluiten.
Ze is realistisch: ,,Ik speelde niet goed. Het was een zwaar toernooi, zonder rustdag. Ook ontbrak de prikkel een beetje, onbewust. Zonder het te willen onderschat je de tegenstanders en ga je nonchalant spelen. Dat remt je eigen groei ook."
Binnen het schaakcircuit gehoord: ,,Peng is haar concurrentes lichtjaren vooruit. De anderen komen per kampioenschap misschien één jaar dichterbij, maar dat is veel te weinig." De elfvoudige kampioene ziet dat zelf anders en zoekt naar een mogelijkheid om te ontsnappen. Ook tegenover het thuisfront voelt ze zich bezwaard: ,,André deed het ondanks zijn drukke baan geweldig toen ik tien dagen in het hotel zat. Koken, oppassen, noem maar op. Maar toen ik terugkwam stond er een hele berg wasgoed, vier trommels vol."
Vooralsnog wint de loyaliteit. ,,Als ik afhaak, zakt het vrouwenschaak in elkaar. Ik zou er een kick van krijgen als de jongere generatie het van me kan overnemen. Dan kan ik misschien gaan begeleiden, mijn kennis op het mentale vlak kunnen overdragen. Een soort managersrol trekt me ook wel. Ik heb veel contacten in China en zou talenten kunnen laten overkomen. Ouders hebben daar meestal maar één kind en hebben veel geld. Wie weet….."
Bron: Algemeen Dagblad
|